Testweb - Eenvoudig tests afnemen en scoren via internet Bohn Stafleu van Loghum
 

Vragen over Tests

Algemene vragen

Hoeveel scoringsformulieren zitten er in een set?
Op de pagina Tarieven staat aangegeven hoeveel exemplaren er in een set zitten.

Worden de uit Testweb verkregen scores ook door Testweb geïnterpreteerd?
Testweb is een omgeving die eenvoudige en secure testafname en scoring mogelijk maakt. Na de afname worden de scores automatisch voor u berekend. Er wordt aan deze score een korte interpretatie gegeven op basis van een bij de scores horende (klinische) kwalificatie. Uiteraard is het na een testafname aan de diagnosticus om de verkregen scores op een bredere manier te interpreteren.

Zijn de tests die via Testweb afneembaar zijn ook genormeerd voor klinische groepen?
Dit verschilt per test. Afhankelijk van de test zijn er normen voor normale en klinische groepen beschikbaar. Meer informatie over de normgroepen vindt u bij de beschrijvingen van de verschillende tests op deze website.

Kan ik ook zonder handleiding van een test, de test afnemen en scoren via Testweb?
Bij alle tests die via Testweb worden aangeboden, hoort een aparte handleiding. Daarin wordt alle informatie gegeven die noodzakelijk is voor een verantwoord gebruik van de test. Zo bevatten de handleidingen uitvoerige normgegevens die onmisbaar zijn bij uw interpretatie van de door Testweb berekende scores. Indien u tests wilt afnemen via Testweb, kunt u dit dus alleen doen als u over de bij de test horende handleiding beschikt.

Ik wil graag een van uw instrumenten afnemen bij kinderen die vallen onder de populatie ‘Algemene Nederlandse jeugdbevolking’. De overige normtabellen wil ik niet gebruiken. Is het mogelijk om alleen de door mij benodigde normgegevens te ontvangen? Of moet ik toch de hele handleiding aanschaffen?
U geeft aan dat u slechts een paar normtabellen nodig heeft. Voor het op juiste en verantwoorde wijze kunnen afnemen, scoren en interpreteren van een test, is het echter noodzakelijk te beschikken over de gehele handleiding. Daarnaast ligt aan de constructie van psychologische meetinstrumenten en het verzamelen van de bijbehorende normgegevens altijd een uitgebreid en kostbaar onderzoek ten grondslag. De kosten die bij dergelijk onderzoek gemaakt worden, worden deels vertaald in de verkoopprijs van testhandleidingen. Om beide redenen is het niet mogelijk u alleen een paar normtabellen ter beschikking te stellen.

Is het mogelijk om verschillende afnamen van dezelfde persoon direct met elkaar te vergelijken?
Ja, dat is mogelijk. Testweb geeft u namelijk per cliënt een overzicht van al diens testresultaten. Dit overzicht kunt u uitprinten.

Wij zouden onze testafnamegegevens/ resultaten graag onder willen brengen in ons digitale patientendossier. In welk formaat kunnen de gegevens geëxporteerd worden?
De resultaten van testafnamen kunnen geëxporteerd worden via Excel. Het overzicht dat u zo creëert vergelijkt de resultaten van alle cliënten per instrument. Testweb levert ook per cliënt een overzicht van alle door hem of haar behaalde resultaten. Dit overzicht kunt u momenteel nog niet exporteren. Het overzicht is uiteraard wel op uw computer op te slaan en uit te printen. Aangezien wij denken dat digitale testafname en dossiervorming in de toekomst een wezenlijke bijdrage gaan leveren aan de beroepspraktijk, wordt momenteel gewerkt aan diverse uitbreidingen. Een van deze uitbreidingen betreft het door Testweb genereren van een persoonlijk digitaal cliëntdossier met de mogelijkheid om de gegevens van één cliënt als PDF bestand te exporteren.

Ik probeer om via Excel alle resultaten die één cliënt heeft behaald op diverse testen in één document te exporteren. Dat lukt echter niet, omdat deze manier van exporteren juist een overzicht geeft van de resultaten van al mijn cliënten op één afzonderlijk instrument. Hoe los ik dit op?
Het is op dit moment inderdaad nog niet mogelijk om de resultaten behaald op diverse instrumenten van één cliënt in één Excel document te exporteren. Als u echter in uw cliënt-overzicht van Testweb op de naam van een van uw cliënten klikt, krijgt u voor deze cliënt een helder overzicht van al diens testresultaten op alle instrumenten. Dit overzicht kunt u op uw computer opslaan of uitprinten. Momenteel wordt ook gewerkt aan de mogelijkheid alle gegevens van één cliënt als PDF bestand te exporteren. Wanneer dit precies mogelijk wordt, is nog niet bekend.

Wat betekenen de kwalificatieniveaus die bij de verschillende tests vermeld staan?
Zie voor een toelichting de pagina Kwalificatieniveaus.

Ga terug naar het vragenoverzicht

ADHD Vragenlijst (AVL)

Ik heb de AVL handleiding en AVL sleutel uit 1998 in mijn bezit. Recent heb ik een nieuwe AVL vragenlijst ontvangen. De sleutel uit 1998, lijkt nu echter niet meer bruikbaar te zijn, omdat de lay-out van de vragenlijst veranderd is. Hoe los ik dit op?
In 2005 is een herziene versie van de AVL verschenen. Hierin zijn de normen van de AVL uit 1998 aangevuld met normgegevens van grotere groepen kinderen uit de algemene jeugdbevolking. Daarnaast worden in deze herziene versie niet alleen normen voor ouders, maar ook voor leerkrachten gegeven. Deze uitbreiding maakte aanpassing van de lay-out van de scoringslijsten noodzakelijk. Voor de juiste scoring van de test kunt u het beste een nieuwe sleutel en handleiding aanschaffen. Een andere mogelijkheid is dat u de test online scoort via Testweb.

Een aantal items uit de ADHD vragenlijst zit in een andere dimensie dan ik, op grond van de indeling van de DSM, zou verwachten. Zo vallen de items 'wordt gemakkelijk afgeleid' en 'heeft moeite met het opvolgen van aanwijzingen en opdrachten van anderen' in de dimensie 'hyperactiviteit', terwijl men zou verwachten dat deze in de dimensie 'aandachtstekort' thuishoren. Het item 'lijkt niet te luisteren naar hetgeen hem / haar gezegd wordt' is ondergebracht in de dimensie 'impulsiviteit'. Ook hier had ik verwacht dat dit item gescoord zou worden in de dimensie 'aandachtstekort'. Waarom is voor deze indeling gekozen?
In tegenstelling tot in de DSM, worden in de AVL drie subdimensies van ADHD onderscheiden: Aandachtstekort, Hyperactiviteit en Impulsiviteit. Voor dit driefactorenmodel is gekozen naar aanleiding van de resultaten van uitgebreid factoranalytisch onderzoek. Ook de verdeling van de items over de dimensies is gebaseerd op de resultaten van dat onderzoek. Zou men dus op het eerste gezicht wellicht denken dat 'wordt gemakkelijk afgeleid' vooral betrekking heeft op aandachtstekort, uit de factoranalyse bleek dat het empirisch gezien vooral een aspect is dat betrekking heeft op hyperactiviteit.

Ga terug naar het vragenoverzicht

Korte Klachten Lijst (KKL)

Kunt u mij vertellen wat de meerwaarde van de KKL is in vergelijking met de SCL-90?
De KKL is een veel kortere lijst dan de SLC - 90 (Symptom Checklist – 90; Arrindell & Ettema, 2003). Dat heeft een aantal voordelen. Het invullen van de KKL vraagt weinig tijd en dat maakt de KKL een zeer efficiënt instrument. Er treedt tijdens het invullen minder aandachtsverlies op bij cliënten en de kans dat een cliënt in een antwoordpatroon vervalt, neemt aanzienlijk af. Bovendien kan het invullen van lange lijsten een zeer belastende ervaring zijn voor cliënten. De korte afnameduur van de KKL maakt ook het uitvoeren van herhaalde metingen heel goed mogelijk. Er is met de KKL dus goed zicht te houden op de ontwikkeling van cliënten en op de effecten van behandeling. Dat laatste is ook vanwege de steeds groter wordende eisen omtrent aantoonbare effectiviteit vanuit de overheid en verzekeraars niet onbelangrijk. De KKL past tevens goed in de stepped-care aanpak, waarin begonnen wordt met een screening van het volledige spectrum aan eventuele klachten. Naar aanleiding van de uitslag van deze screening wordt ingezoomd op de gebieden die aandacht behoeven. Ondanks de zeer korte afnametijd heeft de KKL een goede convergente validiteit.

Ga terug naar het vragenoverzicht

Non-verbale Leerstoornis schalen (NLD)

Wij zouden als school graag de NLD afnemen en interpreteren zonder tussenkomst van een (GZ)-psycholoog of orthopedagoog. Mag dat?
Zoals in de handleiding staat vermeld, is de NLD bedoeld voor afname door personen die de te beoordelen kinderen goed kennen. Dat kunnen bijvoorbeeld ouders, mentoren, hulpverleners of leerkrachten zijn. Voor het afnemen van de NLD-schalen is het hebben van een diagnostische bevoegdheid dus niet noodzakelijk. De interpretatie van de scores is echter voorbehouden aan personen die deze diagnostische bevoegdheid wél hebben, zoals psychologen of orthopedagogen.

Ik heb een vraag over het omzetten van ruwe scores naar percentielscores van de NLD-schalen. Hoe ga ik om met een ruwe score die net boven of onder een bepaalde ruwe score in de normtabellen valt?
Bij het omzetten van ruwe scores in percentielscores volgt men exact de gegevens zoals deze vermeld staan in de normtabellen in de handleiding. Daarin worden steeds de ruwe scores vermeld vanaf welke een volgende percentielklasse ingaat. Een ruwe score die net boven zo’n ruwe grensscore valt, valt gewoon in de percentielklasse die zojuist is ingegaan. Een ruwe score die net onder een ruwe grensscore valt, valt nog in de percentielklasse die daarbij hoort, niet in een percentielklasse daarboven. Met andere woorden: de ruwe grensscores in de normtabellen geven exact de scores weer vanaf welke de nieuwe percentielklassen ingaan. Een voorbeeld: bij ruwe score 30 in tabel 3.2 hoort een percentielscore van 70, bij ruwe score 31 hoort een percentielscore van 80 en bij ruwe score 32 hoort eveneens percentielscore 80.

Ga terug naar het vragenoverzicht

>Ouder-Kind Interactie Vragenlijst (OKIV-R)

Ik heb de OKIV- R sleutels uit 2001 in mijn bezit. Recent heb ik nieuwe exemplaren van de OKIV-R Vragenlijst voor het kind over de moeder besteld. De sleutel uit 2001 blijkt nu echter niet meer te passen, omdat de lay-out van de vragenlijst veranderd is. Hoe los ik dit op?
Eind 2009 is een bijdruk gemaakt van alle OKIV-R vragenlijsten. Daarbij is gekozen om de lijsten qua vormgeving aan te passen aan de modernere uitstraling van onze recentere testuitgaven. Wie vanaf 15 december 2009 de OKIV-R Vragenlijst voor het kind over de moeder aanschaft, ontvangt de nieuwe versie van dit formulier. De nieuwe Vragenlijst voor het kind over de vader en de nieuwe Vragenlijst voor de ouders zullen worden verstrekt vanaf half januari 2010.
Het aanpassen van de vormgeving heeft ertoe geleid dat de oude sleutels inderdaad niet meer bruikbaar zijn zodra u gebruik gaat maken van de nieuwe vragenlijsten. Voor het juist scoren van de OKIV-R kunt u dus het beste een nieuwe sleutel aanschaffen. Deze is verkrijgbaar vanaf half januari 2010. Een andere mogelijkheid is dat u de test online scoort via Testweb.

Ga terug naar het vragenoverzicht

Psychosociale Screening voor Leerlingen – basisonderwijs (PSL-b)

Op onze school gebruiken wij de PSL-b. Wij hebben het idee dat door de constructie van de scoreschalen de testuitslagen wel eens te negatief uit zouden kunnen vallen. Bij het aanvinken van het middelste bolletje op het scoreformulier komt in de uitslag al 'laag' te staan. Verder worden er nogal wat kenmerken negatief geformuleerd. In deze formulering herkennen wij de kinderen vaak niet. Om voor deze zaken te compenseren hebben wij onze beoordeling telkens naar rechts aangepast. Dat kan ons inziens echter niet de bedoeling zijn. Kunt u uitleggen waarom voor deze schaalindeling en formulering gekozen is?
Om het aantal items dat per kind gescoord moet worden zo laag mogelijk te houden, is er bij de constructie van de scoreschalen van de PSL–b voor gekozen om de items bi-polair te formuleren. Dat betekent dat er per item een gedragsconstruct gemeten wordt dat wordt vertegenwoordigd door twee, dualistisch geformuleerde, concepten. Zo ontstaat er per item een continu scoreschaal, waarbij de linkerkant een lage scorebeschrijving van het gedragsconstruct vertegenwoordigt en de rechterkant een hoge scorebeschrijving. Echter: omdat ieder gedragsconstruct vertegenwoordigd wordt door de dualistische concepten kan men een scoreschaal van de PSL–b ook beschouwen als twee samengevoegde driepuntsschalen. Daarbij vertegenwoordigt juist het midden van de schaal (0 of 'ik weet niet') de laagste beoordeling op beide concepten. Een voorbeeld. Item 4 meet het gedragsconstruct 'aanpassing'. Dit construct wordt vertegenwoordigd door de concepten 'dominant' en 'onderdanig'. Scoring in het midden van de schaal (0 of 'ik weet niet') vertegenwoordigt door de bi-polaire schaalconstructie zowel een lage mate van dominantie als een lage mate van onderdanigheid. Op het niveau van het totale gedragconstruct leidt deze scoring dus uiteindelijk niet tot de laagst mogelijke beoordeling: het kind scoort juist gemiddeld. Wat betreft de negatieve formulering van een aantal van de kenmerken: deze is het directe gevolg van de dualistische operationalisatie. Tegenover ieder kenmerk dat men zou kunnen beschouwen als negatief geformuleerd staat een kenmerk dat men positief geformuleerd zou kunnen noemen. Door scoring van een item wordt het kind op beide kenmerken beoordeeld. Voor zowel de operationalisatie van de scoreschalen als de conceptformulering van de PSL–b geldt dat deze geen onterecht negatieve beoordeling van uw leerlingen kunnen veroorzaken. Het naar rechts verschuiven van uw beoordeling is dus niet nodig en wordt zelfs afgeraden, aangezien dit leidt tot een onjuiste meting.

Ga terug naar het vragenoverzicht

Sociaal Cognitieve Vaardigheden Test (SCVT)

Klopt het dat in een aantal tabellen in de handleiding van de SCVT een aantal percentielscores onjuist zijn?
Door een technische fout zijn in een aantal tabellen in de handleiding van de Sociaal Cognitieve Vaardigheden Test de percentielen onjuist weergegeven. Het betreft de percentielen in de tabellen op pagina 116, 120, 123, 126, 129, 132, 135, 138, 162 en 165. De juiste weergave van de percentielen vindt u hier. Onze excuses voor de fout.

Is de SCVT ook een geschikte test voor kinderen met een verstandelijke beperking?
Nee. De SCVT is niet genormeerd voor kinderen van deze doelgroep.

Als ik de complete set van de SCVT bestel, welke versie van de scoringsformulieren ontvang ik dan? Die voor de afname van de gewone versie van de SCVT of die voor het gebruik bij de verkorte, parallel- versies?
Als u de complete set van de SCVT bestelt, dan zit daar alles in. De set bevat dus naast de handleiding, het testmateriaal en het afnameboekje, zowel de lange/ originele scoreformulieren als de scoreformulieren voor afname van de verkorte versies.

Ga terug naar het vragenoverzicht

Sociaal Emotionele Vragenlijst (SEV)

Bij het scoren van de SEV is mij opgevallen dat er een verschil bestaat in de vormgeving van de scoreschaal van de handmatige en de digitale versie. Bij de papieren versie loopt de schaal van 0 tot 4 en bij de digitale versie loopt deze van 1 tot 5. Dat maakte het lastig om mijn handmatig gescoorde data later alsnog digitaal in te voeren.
De scoreschaal van de SEV is als volgt geoperationaliseerd: niet – af en toe – geregeld – vaak – zeer vaak. Zowel op papier als digitaal wordt op basis van deze schaalindeling gescoord. Het is inderdaad zo dat er een klein verschil is qua vormgeving: de schaalpunten zijn bij de papieren versie genummerd en dat zijn ze in Testweb niet. Dat maakt het later in Testweb invullen van handmatig verzamelde scores mogelijk wat lastiger. Op dit moment kunnen wij dit helaas nog niet veranderen.

Ik ben van plan om een vragenlijst aan te schaffen voor het meten van gedragmatige en emotionele problematiek bij kinderen. Nu twijfel ik tussen uw SEV en de CBCL (Child Behavior Checklist, Achenbach, F.C. Verhulst, J. van der Ende en H. Koot (1996). Kunt u mij vertellen welke voordelen de SEV heeft ten opzichte van de CBCL?
Er is een aantal verschillen te benoemen tussen beide vragenlijsten die maken dat de SEV over een aantal voordelen beschikt ten opzichte van de CBCL. Ten eerste: de SEV is een kortere vragenlijst dan de CBCL. De SEV bestaat uit 72 items, bij afname van de CBCL moeten 112 items worden gescoord. De SEV heeft dus een kortere afnameduur dan de CBCL. Ten tweede: de antwoordmogelijkheden van de SEV zijn verfijnder dan die van de CBCL. De SEV gebruikt een 5 puntsschaal, in tegenstelling tot de CBCL die op een 3 puntsschaal gescoord wordt. Bovendien gebruikt de SEV in de scoreschaal frequenties: niet – incidenteel – maandelijks – wekelijks – dagelijks. Dat is in de CBCL niet het geval. Beide punten zorgen ervoor dat de data die met de SEV verkregen wordt informatiever is dan die van de CBCL. Ten derde: de kernsymptomen die in de SEV worden gebruikt, sluiten allen direct aan op de kernsymptomen die de DSM hanteert. In de CBCL komt ook een aantal DSM kernsymptomen voor, maar in veel beperktere mate. Vanuit de SEV kunnen dus direct de DSM gedragsbeelden worden afgeleid. Bij de CBCL moeten de DSM gedragbeelden worden afgeleid uit syndromen die deze gedragsbeelden slechts in zeer beperkte mate dekken. De overlap tussen de gedragssymptomen in de SEV en de DSM maakt de SEV geschikt voor het direct geven van een indicatie voor de aanwezigheid van de belangrijkste DSM gerelateerde stoornissen. Met de SEV kan daardoor eveneens goed worden nagegaan of er sprake is van comorbiditeit. Aanwezigheid van de stoornissen ADHD, ODD, angst- en stemmingsstoornissen en autisme maakt deel uit van de criteria voor toelating tot het cluster ІV speciaal onderwijs. De SEV is dus een instrument dat zeer geschikt is bij het indiceren van een eventuele noodzaak tot toelating tot dit cluster.

De SEV maakt geen onderscheid tussen internaliserend en externaliserend gedrag. Welk van de schalen van de SEV komt overeen met deze begrippen?
Internaliserend en externaliserend gedrag is een onderscheid dat inderdaad niet als zodanig wordt gemaakt in de SEV. Als men dit onderscheid toch wil maken dan kan men er van uitgaan dat de schaal 'angstig en stemmingsverstoord gedrag' internaliserend gedrag meet. Externaliserend gedrag wordt in de SEV vertegenwoordigd door de schaal 'sociaal probleemgedrag'.

Beschikt de SEV over een schaal die direct meet hoe groot de zorgvraag is?
Nee, een dergelijke schaal is in de SEV niet opgenomen. Wél kan men zeggen dat een verhoogde score op een van de subschalen van de SEV wijst op een behoorlijk zware problematiek en dus op een zorgvraag. Een verhoogde score op meerdere schalen wijst op nog complexere problematiek en dus waarschijnlijk op een nog grotere zorgvraag.

Op het testuitslag formulier van de SEV wordt gevraagd naar het niveau van verstandelijk functioneren. Ik vraag mij af waarom dat zo is. In de normtabellen wordt namelijk geen onderscheid gemaakt in verstandelijk functioneringsniveau.
Ondanks het feit dat het niveau van verstandelijk functioneren los staat van de SEV-uitslag, kan dit wel degelijk van belang zijn bij de interpretatie van de scores. Een kind dat volgens de leerkracht wel en volgens de ouders geen angstig gedrag vertoont, kan bijvoorbeeld context gerelateerde angstklachten hebben door overvraging op school. Ook bij de bepaling van de eventuele noodzaak tot doorverwijzing naar het speciaal onderwijs, zijn zowel het verstandelijke als het sociaal-emotionele functioneringsniveau van belang.

Een aantal items uit de SEV zit in andere dimensies dan ik, op grond van de indeling van de DSM, zou verwachten. Zo vallen de items 'wordt gemakkelijk afgeleid' en 'heeft moeite met het opvolgen van aanwijzingen en opdrachten van anderen' in de dimensie 'hyperactiviteit', terwijl men zou verwachten dat deze in de dimensie 'aandachtstekort' thuishoren. Het item 'lijkt niet te luisteren naar hetgeen hem / haar gezegd wordt' is ondergebracht in de dimensie 'impulsiviteit', terwijl ik ook hier had verwacht dat het gescoord zou worden in de dimensie 'aandachtstekort'. Waarom is hier voor gekozen?
In tegenstelling tot de DSM, worden in de SEV drie subdimensies van ADHD onderscheiden: Aandachtstekort, Hyperactiviteit en Impulsiviteit. Voor dit driefactorenmodel is gekozen naar aanleiding van de resultaten van uitgebreid factoranalytisch onderzoek. Ook de verdeling van de items over deze dimensies is gebaseerd op de resultaten van dat onderzoek. Zou men dus op het eerste gezicht wellicht denken dat 'wordt gemakkelijk afgeleid' vooral betrekking heeft op aandachtstekort, uit de factoranalyse bleek dat het empirisch gezien vooral een aspect is dat betrekking heeft op hyperactiviteit.

Zijn in de nieuwe druk (2007) van de handleiding van de SEV de normtabellen aangepast ten opzichte van de normtabellen in de handleiding uit 2005?
Nee. De normtabellen zijn in de tweede druk niet aangepast ten opzichte van die uit de eerste druk. Er werden geen nieuwe normgegevens verzameld.

Recent heb ik de SEV laten invullen door een ouder en de vragenlijst daarbij terug gekregen met 9 niet ingevulde items. Ik kan in de handleiding van de SEV niet terugvinden hoe ik om moet gaan met niet gescoorde items. Is er een grens aan het aantal items waarop de antwoorden mogen ontbreken? Wanneer komt de betrouwbaarheid van de test in het geding?
Hoewel er in de handleiding van de SEV inderdaad geen richtlijnen worden gegeven voor hoe men dient om te gaan met ontbrekende items, lijkt het aannemelijk dat het ontbreken van antwoorden op 9 van de in totaal 72 items dermate veel is (12,5 % van het totale aantal) dat de betrouwbaarheid van de lijst daarbij in het geding komt. De vragenlijst is zo geconstrueerd dat de items in totaal de gedragsproblemen op sociaal emotioneel gebied dekken. Indien er items niet beantwoord zijn, wordt u geadviseerd de beoordelaar (de ouder of leerkracht) te vragen, deze alsnog in te vullen.

In de handleiding wordt voor de interpretatie van scores op bladzijde 68 een overzicht gegeven van de kwalificaties en de daarbij horende grenswaarden. Als ik aan het werk ben met de schaal Autisme geven de normtabellen echter een andere kwalificatie aan een behaalde score dan de gegevens op blz. 68. Welke kwalificaties/grenswaarden moet ik nu gebruiken voor het interpreteren van scores op de autismeschaal?
De kwalificaties en grenswaarden op blz. 68 zijn de juiste. Daar wordt onderscheid gemaakt tussen de grenswaarden die gelden voor de 'Autisme-schaal' en de grenswaarden die gelden voor de 'Overige schalen'. In de normtabellen zijn echter foutief alleen de kwalificaties opgenomen zoals die van toepassing zijn op de 'Overige schalen'. Deze zijn dus niet van toepassing op de autismeschaal. U kunt, als u aan het werk bent met de autismeschaal, de kwalificaties in de normtabellen negeren en gebruik maken van de gegevens op blz. 68. In de eerstvolgende herdruk zullen de kwalificaties uit de normtabellen worden verwijderd of zullen de kwalificaties zoals die van toepassing zijn op de schaal 'Autisme', worden toegevoegd. Onze excuses voor het ongemak.

Ga terug naar het vragenoverzicht

Vroegsignalering door gedragsobservatie (VSGO-GIP)

Ik wil graag de VSGO-GIP via Testweb afnemen. Heeft u informatie hoe ik hiermee kan starten?
Download hier de handleiding VSGO-GIP voor Testweb of bekijk de demo.

Ga terug naar het vragenoverzicht

 
 
Testweb account
Tarieven
Altijd als eerste op de hoogte?
Meld u aan voor de nieuwsbrief.
E-mailadres: